Archive | March 2013

Zonder respect geen voetbal. Zonder rechtvaardige strafmaat wel respect?

De aanklager betaald voetbal van de KNVB deed Jeremain Lens een schikkingsvoorstel van drie wedstrijden schorsing voor zijn rol in het opstootje na Feyenoord-PSV. Lens en PSV accepteerden. In deze blogpost ga ik in op tekortkomingen in de argumentatie van de KNVB.

Als u dit leest, hebt u de beelden van het opstootje na Feyenoord-PSV anderhalve week geleden waarschijnlijk gezien. PSV-spits Jeremain Lens wachtte Joris Mathijsen na de wedstrijd op, trok aan zijn shirt, waarop er een duw- en trekpartij ontstond en de voetbalwereld en de KNVB  over Lens heen vielen.

Lens

In de Telegraaf van dinsdag 26 Februari nam ‘voetbal jurist’ Jan Kabalt al vast een voorschot op de straf die Lens voor zijn rol in het opstootje zou verdienen. Hij stelde dat het zijns inziens verdedigbaar was om Lens voor drie à vier wedstrijden te schorsen, aangezien hij ‘met voorbedachten rade’ gehandeld zou hebben.

Het schikkingsvoorstel dat Lens ontving van de aanklager betaald voetbal van de KNVB, betrof inderdaad drie wedstrijden schorsing, wat de speler accepteerde. Of de KNVB het ‘met voorbedachten rade’ argument daadwerkelijk gehanteerd heeft is niet met zekerheid vast te stellen maar de overeenkomst in strafmaat suggereert van wel.

Laten we de bewijsvoering voor de stelling dat Lens met voorbedachten rade heeft gehandeld eens onder de loep nemen. Er is sprake van ‘met voorbedachten rade’ als kan worden aangetoond dat iemand een strafbaar feit heeft gepleegd terwijl hij of zij, alvorens het strafbare feit te plegen, in de gelegenheid was zich over dit strafbaar feit en de consequenties daarvan te beraden. Is er voldoende bewijs dat Lens met voorbedachten rade verhaal wilde halen bij Mathijsen? Met de videobeelden van Lens die Mathijsen staat op te wachten lijkt daar geen twijfel over mogelijk.

Echter, het strafbaar feit dat de aanklager Lens verwijt, is het aan het shirt pakken en vasthouden van Mathijsen, niet het opwachten. Veel lastiger wordt het om te bewijzen dat Lens niet Mathijsens shirt beetpakte als reactie op het doorlopen van Mathijsen, zoals Marcel Brands en Lens zelf stellen, maar dat hij vooraf de intentie had dit te doen. Dat Lens even daarvoor tegen Jetro Willems zegt: ‘Kom, ik pak hem zo’ pleit niet in zijn voordeel, maar dit soort taalgebruik vormt lang geen onomstotelijk bewijs. Concluderend kunnen we stellen dat voor de stelling dat Lens met voorbedachten rade gehandeld heeft geen hard bewijs voor handen is en slechts berust op een denkfout.

Een ander merkwaardig gegeven is dat alleen Lens werd aangemerkt als schuldige. Uit de beelden blijkt duidelijk dat een paar spelers van Feyenoord en PSV zich onnodig agressief en/of provocerend gedroegen, wat bijdroeg aan het uit de hand lopen van de situatie.

De interpretatie van de KNVB-aanklager?

‘Verschillende betrokkenen, al dan niet met kracht, hebben geprobeerd de confrontatie verder te voorkomen. Eventuele individuele handelingen zijn in dat licht door de aanklager beoordeeld en leiden wat hem betreft niet tot verdere vervolging’.

Voor de aanklager is het vastgrijpen bij het shirt van Mathijsen door Lens dus de enige noodzakelijke voorwaarde voor het opstootje. Is dit geloofwaardig?

Door Lens als enige te straffen en te stellen dat alle andere betrokkenen probeerden de confrontatie verder te voorkomen, impliceert de aanklager dat het opstootje onvermijdelijk was na het vastpakken van het shirt van Mathijsen door Lens. Het is echter niet moeilijk een ‘als-dan gedachtenexperiment‘ te bedenken waarin Lens wél het shirt van Mathijsen vastgrijpt zonder dat dit vervolgens tot een opstootje leidt (hint: zie foto hierboven). Met andere woorden, er zijn wel degelijk andere factoren die hebben bijgedragen tot het opstootje. Daarmee lijkt het erop dat het sturen van een schikkingsvoorstel alleen richting Jeremain Lens is gebaseerd op ‘hindsight bias’.

Kort gezegd is ‘hindsight bias’ de neiging om gebeurtenissen die al hebben plaatsgevonden als voorspelbaarder / onvermijdelijker te zien dan ze waren voordat ze plaatsvonden – wijsheid achteraf dus.

Een tweede mogelijkheid is dat de aanklager wél realiseerde dat ook de acties van anderen hebben geleid tot dit opstootje maar zijn vingers niet wilde branden aan het toewijzen van straffen aan spelers die door de media toch niet waren neergezet als boosdoeners.

Het bestempelen van Lens als enige schuldige is hoe dan ook geen reclame voor de KNVB en haar ‘Zonder respect geen voetbal’- campagne. Impliciet gaat van deze beslissing namelijk het signaal uit dat onrespectvol gedrag door de vingers gezien zou kunnen worden, zo lang het maar in reactie is op eerder onrespectvol gedrag.

Advertisements